1. Algemeen
De gemeentelijke heffingen zijn na de algemene uitkering de grootste inkomstenbron van de gemeente. Met de heffingen genereren we in 2026 ongeveer 21% van de gemeentelijke inkomsten. In het onderstaande overzicht zijn de inkomsten van de diverse gemeentelijke heffingen nader gespecificeerd.
Overzicht inkomsten uit heffingen 2026 | ||||
Rekening 2024 | Begroot na wijziging 2025 | Begroting 2026 | Procentuele | |
Onroerende zaakbelasting (OZB) | 16.154 | 16.817 | 18.145 | 7,9% |
Afvalstoffenheffingen en reinigingsrecht | 4.559 | 4.766 | 4.935 | 3,6% |
Rioolheffing | 6.051 | 6.333 | 6.375 | 0,7% |
Toeristenbelasting | 4.412 | 4.136 | 4.065 | -1,7% |
Reclamebelasting | 98 | 87 | 87 | 0,0% |
Precariobelasting | 33 | 25 | 25 | 0,0% |
Marktgelden | 12 | 27 | 27 | 0,0% |
Begraafplaatsrechten | 16 | 15 | 15 | 0,0% |
Overige heffingen | 2.996 | 2.340 | 2.506 | 7,0% |
Totaal inkomsten uit heffingen | 34.331 | 34.545 | 36.180 | . |
Totaal inkomsten begroting/rekening | 172.077 | 170.431 | 177.847 | . |
In de hogere opbrengsten van de OZB is rekening gehouden met de reguliere indexatie van 2,6% en voor de OZB niet-woningen een extra verhoging 5%. De meeropbrengsten van de overige heffingen wordt veroorzaakt door de meeropbrengsten van de leges reisdocumenten en rijbewijzen (ca. € 159.000). Hier staan wel hogere rijksleges die aan het Rijk worden afgedragen tegenover.
De overige heffingen zijn geïndexeerd met een inflatie met 2,6% tenzij anders aangegeven.
2. Kostendekkendheid
In deze paragraaf brengen we per heffing waarbij de baten de lasten niet mogen overschrijden, de kostendekkendheid in beeld. Voor Horst aan de Maas gaat het hierbij om de volgende heffingen:
- afvalstoffenheffing;
- reinigingsrecht;
- rioolheffing;
- rioolaansluitrecht;
- marktgelden;
- lijkbezorgingsrechten;
- leges.
Per heffing brengen we de directe kosten, overhead, BTW en opbrengsten in beeld. Daarbij hanteren we de volgende uitgangspunten:
- Directe kosten zijn de kosten die direct aan een heffing worden toegerekend en ook als zodanig in de financiële administratie staan (bijvoorbeeld directe personeelslasten, rijksleges, geleverde diensten t.b.v. de heffing, kapitaallasten).
- De overhead rekenen we met een opslagpercentage van 85% op de directe personeelslasten toe aan de heffing.
- De inkoop-BTW is als last meegenomen.
- De opbrengsten zijn gebaseerd op de tarieven 2026 zoals die in de paragraaf genoemd worden.
3. Onroerende zaak belasting (OZB)
De OZB wordt geheven van eigenaren en gebruikers van onroerende zaken.
In de kaderbrief 2026 is aangegeven dat we in 2026 de OZB-tarieven voor niet-woningen met 5% extra verhogen naast de inflatiecorrectie (2,6%). Dit omdat de raad bij de vaststelling van de (meerjaren)begroting 2024 – 2027 besloten heeft in de periode 2024 t/m 2027 langzaam toe te groeien naar het gemiddelde tarief in provincie Limburg. In de begroting van 2026 is hiermee rekening gehouden
Dit levert voor 2026 de volgende tarieven op:
Onroerende zaak belasting | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
Tarief Ozb-eigenaar woningen | 0,1326% | 0,1360% | 2,6% |
Tarief Ozb-eigenaar niet-woningen | 0,3142% | 0,3381% | 7,6% |
Tarief Ozb gebruiker niet-woningen | 0,2512% | 0,2703% | 7,6% |
Gemiddelde aanslag woning | € 487,97 | € 500,48 | 2,6% |
Gemiddelde aanslag niet woning / eigenaar en gebruiker | € 2.295,52 | € 2.470,10 | 7,6% |
Het tarief OZB-eigenaar woningen in onze gemeente ligt in 2025 1,9% boven het gemiddelde tarief van alle Limburgse gemeenten (0,1211%). Het tarief OZB-eigenaar niet-woningen ligt 2,3% onder het gemiddelde van alle Limburgse gemeenten (0,3195%). En het tarief OZB-gebruiker niet-woningen ligt 3,2% onder het gemiddelde van alle Limburgse gemeenten (0,2575%).
De genoemde tarieven voor 2026 corrigeren we nog met de gemiddelde daling / stijging van de WOZ-waarden. Dit doen we bij het vaststellen van de verordening Onroerende zaakbelasting 2026 in december 2025 als de woz-waardeontwikkeling bekend is.
4. Reinigingsheffingen (Afvalstoffenheffing)
De reinigingsheffingen bestaan uit de afvalstoffenheffing en de reinigingsrechten. We heffen een afvalstoffenheffing van huishoudens om de kosten te dekken voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Dit zijn niet alleen de kosten voor de wekelijkse afvalinzameling, maar ook kosten voor de inzameling van glas, oud papier, klein chemisch afval en dergelijke.
Reinigingsrechten heffen we van bedrijven die gebruik maken van de gemeentelijke afval-inzameldienst. De tarieven voor de afvalstoffenheffing (meerpersoonshuishoudens) en de reinigingsrechten zijn gelijk.
Uitgangspunt is dat de reinigingsheffingen kostendekkend zijn. De basisheffing stijgt met 2,6% in 2026. De gemiddelde lastendruk voor de reinigingsheffingen komt daarmee uit op 3,0%. De restafvalzakken stijgen met € 0,10.
De indexatie van de basistarieven met 2,6% leidt in 2026 tot de onderstaande tarieven:
Reinigingsheffingen | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
Basisheffing per jaar meerpersoonshuishouden | € 252,72 | € 259,32 | 2,6% |
Basisheffing per jaar éénpersoonshuishouden | € 186,60 | € 191,40 | 2,6% |
Restafvalzak | € 1,70 | € 1,80 | 5,9% |
Gemiddelde lasten (1) | € 254,15 | € 261,82 | 3,0% |
Gemiddelde lasten meerpersoonshuishouden (1) | € 272,62 | € 280,79 | 3,0% |
Gemiddelde lasten éénpersoonshuishouden (1) | € 194,95 | € 200,79 | 3,0% |
(1) (inclusief kosten voor restafvalzakken, big bags etc.) | |||
De gemiddelde lastendruk voor een gebruiker van een woning (meerpersoonshuishouden) in onze gemeente bedraagt in 2025 € 272,62. Het gemiddelde van alle Limburgse gemeenten ligt op € 326,92 (volgens de berekeningsmethodiek van de provincie). Dit is 16,6% (€ 54,30) lager dan het gemiddelde.
Bij het raadsvoorstel tot vaststellen van de verordening Reinigingsheffingen 2026, die in december 2025 in de gemeenteraad aan de orde komt, doen wij een definitief voorstel voor de tarieven 2026.


Het tekort aan baten in 2026 wordt gedekt uit de voorziening tariefegalisatie afval.
5. Rioolheffing
Gemeenten bekostigen maatregelen (voorzieningen) voor de verwerking van afval-, hemel- en overtollig grondwater uit de rioolheffing. De rioolheffing heeft het karakter van een bestemmingsheffing. Daarmee kunnen kosten worden verhaald om collectieve maatregelen te treffen voor een doelmatig werkende riolering en maatregelen ten aanzien van afval- hemelwater en grondwater.
Tot en met 2023 is de rioolheffing in Horst aan de Maas alleen als een vast bedrag per eigendom van de eigenaar geheven. Op 20 december 2022 heeft de raad besloten de huidige eigenaarsheffing per 1-1-2024 uit te breiden met een gebruikersheffing voor woningen en bedrijven met een hoog waterverbruik.
De tarieven zijn gebaseerd op het in oktober 2023 geactualiseerde kostendekkingsplan. Hieruit volgt een tarief voor de rioolheffing van € 287 in 2026. De rioolheffing is geïndexeerd met het inflatiecijfer van 2,6%.
Bij het raadsvoorstel tot vaststellen van de Verordening rioolheffing 2026, dat in december 2025 in de gemeenteraad aan de orde komt, doen wij een definitief voorstel voor de tarieven 2026.
Dit levert voor 2026 de volgende tarieven op:
Rioolheffing | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
Vast tarief per eigendom | € 280 | € 287 | 2,5% |
Variabel tarief gebruik waterverbruik > 500m³ | |||
Waterverbruik van < 500 m³ | € - | € - | n.v.t. |
Waterverbruik van 500 m³ t/m 999 m³ | € 280 | € 287 | 2,5% |
Waterverbruik van 1.000 m³ t/m 1.999 m³ | € 560 | € 574 | 2,5% |
Waterverbruik van 2.000 m³ t/m 2.999 m³ | € 840 | € 861 | 2,5% |
Waterverbruik van 3.000 m³ t/m 3.999 m³ | € 1.120 | € 1.148 | 2,5% |
Waterverbruik van 4.000 m³ t/m 4.999 m³ | € 1.400 | € 1.435 | 2,5% |
Waterverbruik van 5.000 m³ t/m 9.999 m³ | € 2.800 | € 2.870 | 2,5% |
Waterverbruik van 10.000 m³ t/m 49.999 m³ | € 8.400 | € 8.610 | 2,5% |
Waterverbruik > 50.000 m³ | € 16.800 | € 17.220 | 2,5% |
Het tarief van de rioolheffing van woningen en bedrijven in 2025 ligt in Horst aan de Maas ca. 16,9% hoger (€ 40,44) dan in de provincie. In 2026 wordt het kostendekkingsplan herzien voor 2027 en verder. Het tarief in Horst aan de Maas zal de komende jaren meer in de pas lopen met vergelijkbare gemeenten en het gemiddelde in Limburg. Naar verwachting zullen in deze gemeenten nog stijgingen voor 2026 en verder plaatsvinden.

Het tekort aan baten wordt in 2026 gedekt uit de voorziening riolering.
6. Rioolaansluitrecht
Het rioolaansluitrecht is een eenmalige vergoeding die we van de eigenaar van een pand vragen ter dekking van de kosten voor het aansluiten van een pand op de riolering.
Indexatie leidt in 2026 tot de volgende tarieven:
Rioolaansluitrecht | ||||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging | |
Drukriolering buitengebied | € 5.018 | € 5.148 | 2,6% | |
Vrijverval-riolering | € 263 + € 190 per m¹ perceel-aansluitleiding | € 270 + € 195 per m¹ perceel-aansluitleiding | 2,6% | |

7. Toeristenbelasting/ watertoeristenbelasting
We heffen toeristenbelasting van degene die tegen een vergoeding gelegenheid geeft tot overnachten. De belasting heffen we voor alle overnachtingen van personen die niet in de gemeentelijke basisregistratie staan ingeschreven. Dit zijn zowel toeristen als arbeidsmigranten (ca. 15%). De toeristenbelasting is een algemeen dekkingsmiddel. Dat betekent dat de gemeente vrij is in de besteding van de inkomsten.
Ook bij verblijf op/in ligplaatsen en watervilla’s heffen we (water)toeristenbelasting. Het verblijf op vaartuigen bepalen we op basis van etmalen verblijf en niet op basis van overnachtingen zoals bij de reguliere toeristenbelasting.
Conform de kaderbrief 2026 verhogen we de tarieven voor de toeristenbelasting m.i.v. 2026 van € 1,65 (naar afgerond) € 1,70 (2,6% inflatiecorrectie) per overnachting. De tarieven voor vaste plaatsen en seizoenplaatsen passen we in lijn hiermee aan.
Toeristenbelasting | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
Tarief per persoon per overnachting | € 1,65 | € 1,70 | 3,0% |
Vaste plaats, vast bedrag per jaar | € 257,40 | € 265,20 | 3,0% |
Seizoensplaats / arrangement per week | € 6,60 | € 6,80 | 3,0% |
Watertoeristenbelasting per persoon per etmaal (1) | € 1,65 | € 1,70 | 3,0% |
Vaste ligplaatsen voor een vaartuig, per jaar (1) | € 257,40 | € 265,20 | 3,0% |
Seizoenligplaats voor een vaartuig, per week (1) | € 6,60 | € 6,80 | 3,0% |
(1) Vaartuigen, watervilla's. | |||
* M.i.v. 2023 geen onderscheid in hoog en laag tarief | |||
8. Vermakelijkhedenretributie
De vermakelijkhedenretributie is in Horst aan de Maas per 2021 ingevoerd. Dit is een heffing voor het gebruik van, door of met medewerking van het gemeentebestuur tot stand gebrachte of in stand gehouden voorzieningen of waarbij een bijzondere voorziening in de vorm van toezicht of anderszins van de zijde van het gemeentebestuur getroffen wordt.
Het tarief € 0,10 per betalende bezoeker en/of deelnemer wijzigen we voor 2026 niet. Vermakelijkheden met minder dan 10.000 bezoekers (ongewijzigd) betrekken we niet in de heffing.
Bij de vermakelijkhedenretributie geldt geen maximaal 100% kostendekkendheidsvoorschrift, zoals bij de rechten en leges. Een vermakelijkheid moet profiteren van een gemeentelijke voorziening die voor de gemeente lasten met zich meebrengt. De gemeente hoeft echter niet aan te tonen welk bedrag van de met de voorziening gemoeide lasten is toe te rekenen aan de vermakelijkheid. De gemeente hoeft ook niet aan te tonen dat geen winst wordt gemaakt.
Vermakelijkhedenretributie | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
Vast bedrag per betalende bezoeker c.q deelnemer van de vermakelijkheid | € 0,10 | € 0,10 | 0,0% |
9. Precariobelasting
We heffen precariobelasting voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven de voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond.
Met toepassing van een inflatiecorrectie van 2,6% (afgerond op € 0,05) geeft dit voor 2026 de volgende tarieven:
Precariobelasting terrassen | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
Terrassen binnen de bebouwde kom van Horst, Sevenum of Grubbenvorst per m² per jaar | € 10,85 | € 11,15 | 2,8% |
Overige terrassen per m² per jaar | € 7,20 | € 7,40 | 2,8% |
10. Marktgelden
We heffen marktgelden voor het innemen van een standplaats tijdens de weekmarkt. In Meerlo, Swolgen en Tienray zijn geen marktdagen en is de heffing van marktgelden niet aan de orde. De promotiegelden die de marktlieden in het centrum van Horst betalen, nemen we in de heffing van de marktgelden mee. De promotiegelden betalen we door aan de stichting Centrummanagement Horst aan de Maas. Het Centrummanagement betaalt hiermee collectieve activiteiten t.b.v. het promoten van het centrum.
Met toepassing van een inflatiecorrectie van 2,6% geeft dit voor 2026 de volgende tarieven:
Marktgelden | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
- voor het innemen van een standplaats per dag * | € 12,80 | n.v.t. | - |
- promotieplaats per dag | € - | € 6,60 | n.v.t. |
Voor het innemen van een vaste standplaats per kwartaal | |||
- vast bedrag | € 25,85 | € 26,50 | 2,5% |
- per strekkende meter | € 20,65 | € 21,20 | 2,7% |
* Het tarief voor de dagstandplaatsen is vervallen. In de nieuwe marktverordening is het niet mogelijk om een dagstandplaats in te nemen. | |||

11. Reclamebelasting
We heffen reclamebelasting voor openbare aankondigingen (reclameobjecten) in het centrum van Horst, die zichtbaar zijn vanaf de openbare weg. Deze heffing is in 2008 ingevoerd op verzoek van de ondernemers van het centrum van Horst. De opbrengst van de reclamebelasting betalen we onder inhouding van € 5.000, door aan de stichting Centrummanagement Horst aan de Maas. Die betaalt hiermee collectieve activiteiten voor het promoten van het centrum van Horst.
De hoogte van het tarief is afhankelijk van de ligging en de WOZ-waarde.
Met toepassing van een inflatiecorrectie van 2,6% geeft dit voor 2026 de volgende tarieven:
Reclamebelasting centrum Horst | |||
bedragen in hele euro's | 2025 | 2026 | Stijging |
|---|---|---|---|
Zone A (woz-waarde kleiner dan of gelijk aan | € 598 | € 614 | 2,7% |
Zone A (woz-waarde range € 151.000 t/m | € 598+ € 3,60 | € 614+ € 3,70 | |
Zone A (woz-waarde groter dan of gelijk aan | € 1.107 | € 1.136 | 2,6% |
Zone B | € 598 | € 614 | 2,7% |
* Voor de Reclamebelasting 2026 wordt de woz-waarde 2025 (waardepeildatum 1-1-2024) gehanteerd | |||
* Voor de Reclamebelasting 2025 wordt de woz-waarde 2024 (waardepeildatum 1-1-2023) gehanteerd | |||
* Bij woon-/bedrijfspanden wordt alleen de woz-waarde over het bedrijfsgedeelte meegenomen | |||
12. Lijkbezorgingsrechten
Lijkbezorgingsrechten zijn vergoedingen voor diverse diensten die de gemeente verricht in het kader van de lijkbezorging. De hoogte van de lijkbezorgingsrechten stellen we in overleg met het kerkbestuur vast. Eventuele wijzigingen komen in december 2025 bij het vaststellen van de belastingtarieven 2026 aan de orde.

13. Leges
Met het heffen van leges dekt de gemeente de kosten voor het leveren van bepaalde diensten.
We brengen de kostendekkendheid van de leges 2026 per titel van de legesverordening in beeld.
Titel 1: Algemene dienstverlening zoals o.a. huwelijksvoltrekkingen/partnerschapsregistratie, inlichtingen uit de basisregistratie personen (BRP), reisdocumenten en rijbewijzen;
Titel 2: Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunningen;
Titel 3: Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn. Onder de laatstgenoemde titel vallen o.a. aanvragen in het kader van de drank- en horecawet en kinderopvang.



14. Kwijtschelding
Voor de gecombineerde aanslag gemeentelijke heffingen kan een verzoek tot kwijtschelding worden ingediend. Of iemand voor kwijtschelding in aanmerking komt, hangt af van een aantal factoren. Aan de hand van de financiële situatie wordt beoordeeld of iemand voor kwijtschelding in aanmerking komt. Hiervoor wordt de door de gemeente Horst aan de Maas vastgestelde Leidraad Invordering Gemeentelijke belastingen als basis gebruikt. De aanvragen worden twee keer per maand aangeleverd en getoetst bij Stichting Inlichtingenbureau. Alleen in complexere gevallen, bij uitval of bij afwijkingen van inkomen of vermogen (o.a. eigen woning) worden de aanvragen door medewerkers van de gemeente beoordeeld. De verwachting is dat in 2026 ongeveer 86% van het totaal aantal aanvragen automatisch kan worden afgehandeld.
Het is mogelijk dat zelfstandige ondernemers (eenmanszaak) die een inkomen rond het bestaansminimum hebben ook voor kwijtschelding van hun privé-belastingen in aanmerking komen. Deze zelfstandige ondernemers worden, buiten de toets op hun ondernemingsvermogen, op dezelfde wijze (voor dezelfde vermogensbestanddelen) getoetst als particulieren.
Afgelopen jaren is gebleken dat maar enkele of geen ondernemers een beroep doen op de kwijtscheldingsregeling.
Kwijtschelding is mogelijk voor de volgende heffingen:
- OZB
- Rioolheffing
- Afvalstoffenheffing
